Liefs Liss

Psychologiestudentje, spelend met woorden, ontdekt het leven

Geen keuze

Geen keuze

“Kom op Melissa, werk nu maar gewoon even mee, des te sneller ben je er weer vanaf.” Bob probeert naar me te glimlachen, maar hij komt niet verder dan een boze grimas. “Nee! Ik wil het niet meer! Jullie bekijken het maar! Ik hoef die vieze voedingen niet meer! Ik ben hier toch zeker vrijwillig, jullie kunnen me niet dwingen…” Sanne kijkt Bob aan en maakt een hulpeloos gebaar. Bob haalt zijn schouders op en doet dan een resolute pas in mijn richting. Hij pakt mijn schouders beet en gebaart naar Sanne dat zij aan mijn linkerkant moet gaan staan. Met z’n tweeën sleuren ze me vervolgens mee naar de onderzoekskamer, ik probeer te ontkomen aan hun greep, maar doe dit tevergeefs. 

© Liefsliss

Dertien jaar geleden, ik was een meisje van bijna viertien winters jong en ik was ziek. Zo ziek dat ik zelf niet in kon zien dat het niet goed meer ging met me, dat ik fysiek in (levens)gevaar was en niet meer in staat was om voor mezelf te zorgen of zelfs keuzes te maken. En dus werd ik opgenomen op een gesloten afdeling. Daar probeerden de hulpverleners met alles wat zij in zich hadden, mijn leven te redden. Ik kon dat toen niet inzien, ik zag de verpleegkundigen en therapeuten als vijanden.

Gevecht om de sonde

“Melissa, laat je het uiteinde van de sonde los?” Miranda probeert het nog vriendelijk, maar ik ben niet van plan toe te geven. Ik wil die vloeistof niet in mijn lijf. Voor geen goud werk ik hier nog aan mee. Ik kijk om me heen, maar ik kan echt met geen mogelijkheid weg. Als ik niet weg kan, dan moet ik in ieder geval tegenhouden dat die troep nog langer mijn lijf in komt. Ik weet niet precies waarom ik het doe, hoe ik het doe, maar ik weet wel dat ik het doe. Ik laat de sonde niet los. Miranda kijkt eerst Sanne aan en richt haar blik dan op Bob. Ze kijkt hem vragend aan. Bob komt op mij af gelopen. ”En nu is het afgelopen met die onzin Melissa. Ben je helemaal gek geworden? Je bent hier met spoed opgenomen en je bent hier vrijwillig. Werk dan verdomme mee! Als je nu niet meewerkt, bel ik de rechter en houden we je de overige tijd dat je sondevoeding krijgt in de separeercel.”

© Liefsliss

Zij stelden alles in het werk mij in leven te houden en het enige wat ik kon doen, was keihard daar tegenin gaan. Inzicht in hoe ziek ik was, had ik niet. Ik voelde me enkel opgesloten en deed alles om daar weg te komen. Hoe harder ik vocht, hoe harder zij vochten om mij in leven te houden. En ik kon enkel denken: ‘Zij zijn gek en ik niet’. Ik snap nu waarom er gehandeld werd zoals ze handelden, maar toen… Ik begreep er niets van. Totaal in de ban van mijn eetstoornis, kon ik niets anders doen dan mezelf enkel verder kapotmaken. En zij deden niet anders dan de schade die ik mezelf toebracht, weer ongedaan maken.

Nachtmerries

Toch kan ik niet zeggen dat ik blij ben met hoe er gehandeld is toentertijd. Geen uitleg, vooral veel boosheid en eigenlijk nauwelijks steun in het zware gevecht dat ik moest voeren. Ik was iedere dag weer doodsbang en ik begreep niet waarom iedereen zo deed. Het grote verschil had voor mij al kunnen zijn als er meer gekeken werd naar mij, naar wie ik was als persoon. Als de hulpverleners mij gezien hadden, in plaats van enkel mijn ziekte. Als zij mij veiligheid hadden geboden, op alle gebieden, in plaats van enkel een gesloten deur en dwangmaatregelen om mij aan te laten komen.

Nog steeds heb ik bijna iedere nacht nachtmerries over de manier hoe ik tijdens mijn eerste behandeling bejegend ben. In mijn huidige traumaverwerkingstherapie komen de gebeurtenissen nog regelmatig terug. Ze hebben mijn leven gered, maar ook verwoest.

Advertenties

Melissa

Deel je gedachten

%d bloggers liken dit: